Schema markup: uitleggen wat je gegevens betekenen
Een zoekmachine leest je pagina als tekst. Hij ziet letters en cijfers, maar hij weet niet wat ze voorstellen. Staat er 89 euro, dan kan dat een prijs zijn. Of een boete, of een postcode.
Voor een mens is dat geen probleem. Jij ziet de context en snapt het meteen.
Een machine heeft die uitleg nodig. Precies dat doe je met schema markup.
Het levert je geen betere positie op. Het levert je wel een resultaat op dat opvalt tussen de rest. Daar zit de winst.
Onzichtbare code die vertelt wat je gegevens betekenen.
Wat is schema markup?
Het is een afgesproken taal om je gegevens te labelen. Die taal heet schema.org en wordt gedeeld door alle grote zoekmachines.
Je zegt ermee: dit is een prijs. Dit is een openingstijd. Dit is de naam van de auteur. Zonder die uitleg blijft het losse tekst.
Het is dus een woordenboek
Er ligt een vaste lijst met begrippen vast. Product, Organisatie, Persoon, Recept, Evenement, Beoordeling.
Jij kiest welk type bij je pagina past. Daarna vul je de velden die dat type kent.
Waar de code staat
Meestal in een blokje in de kop van je pagina. Je bezoeker ziet het niet en het beinvloedt je vormgeving niet.
Het is dus geen zichtbare toevoeging. Het is code in je kop die alleen wordt gelezen door machines.
Welke schrijfwijze
Er zijn drie manieren om het te noteren. Google adviseert er zelf een, en de andere twee zijn ouder.
Dat is werk voor je bouwer of je plugin. Je hoeft die keuze niet zelf te maken.
Welke typen ertoe doen
Wat ik standaard instel
Organisatie of lokaal bedrijf, met adres en openingstijden.
Website en navigatiepad, zodat je route zichtbaar wordt.
Dienst of product, per pagina waar dat past.
Veelgestelde vragen bij pagina’s die vragen beantwoorden.
Artikel bij blogberichten, met auteur en datum.
Die eerste is voor vrijwel elk bedrijf het belangrijkst. Je bedrijfsgegevens vastleggen horen altijd gemarkeerd te zijn.
Waarom juist die
Omdat Google daarmee je bedrijf koppelt aan een plaats. Dat helpt bij zoekopdrachten waar iemand een plaatsnaam bij typt.
Het is bovendien eenmalig werk. Je zet het een keer goed en het werkt jarenlang door.
In WordPress
Een goede SEO-plugin regelt het basiswerk automatisch. Je vult je bedrijfsgegevens een keer in en de code wordt gegenereerd.
Voor een webwinkel komt daar productinformatie bij, meestal via je webwinkel-systeem zelf. Prijs en voorraad worden dan automatisch bijgewerkt.
Wanneer maatwerk nodig is
Bij typen die je plugin niet kent. Denk aan een cursusaanbod, een vacature of een tarievenlijst.
Dan schrijft je bouwer die code zelf. Dat is werk van uren en geen doorlopende kostenpost.
Testen en controleren
Google heeft een gereedschap dat je pagina nakijkt. Het toont regel voor regel wat er wordt herkend en wat er ontbreekt.
Doe dat testen van je markup na elke grote wijziging. Een aangepast sjabloon kan je markering ongemerkt slopen.
Let op na een verhuizing
Adressen in je code verwijzen soms nog naar je oude domein of je testomgeving. Dat is een fout die niemand ziet.
Loop dat na samen met je overige adressen, zie permalink.
Het verschil met een rich snippet
Schema markup is wat jij aanlevert. Een rich snippet is wat Google er eventueel mee doet.
Je hebt dus wel invloed op het eerste en geen zeggenschap over het tweede. Correcte code is een voorwaarde, geen garantie.
Markeer daarom nooit iets wat niet zichtbaar op je pagina staat. Werk eerst aan je tekst en je metadescription, zie ook onpage SEO.
Verwachtingen goed zetten
Iemand die markup laat plaatsen en de volgende dag sterren verwacht, komt bedrogen uit. Google bepaalt zelf wanneer hij iets toont.
Correcte code is dus een voorwaarde en geen belofte. Dat onderscheid voorkomt teleurstelling achteraf.
Wat het testen oplevert
Je plakt je adres in het gereedschap en krijgt binnen seconden het resultaat. Fouten worden aangewezen met de reden erbij.
Dat is werk dat je zelf kunt doen, ook zonder technische kennis. Je hoeft de uitkomst alleen door te sturen naar je bouwer.
Nooit markeren wat er niet staat
Beoordelingen die je zelf hebt bedacht, zijn een overtreding. Google controleert daarop en het herstel duurt maanden.
Hetzelfde geldt voor vragen die nergens op je pagina staan. Wat je markeert, moet zichtbaar zijn voor je bezoeker, zie no-index.
Meer vragen over Schema markup
Dit zijn de vragen die ik hierover het vaakst krijg. Ik werk ze los uit.
Wat is schema markup?
Welke soorten schema markup zijn er?
Hoe voeg je schema markup toe in WordPress?
Hoe test je of je schema markup klopt?
Heb je een plugin nodig voor schema markup?
Wat is het verschil tussen schema markup en een rich snippet?
Wat is schema markup?
Er zijn er honderden, maar in de praktijk gebruik je er een handvol.
Ik stel er standaard vijf in. Organisatie of lokaal bedrijf, met adres en openingstijden. Website en navigatiepad, zodat je route zichtbaar wordt.
Dienst of product, per pagina waar dat past. Veelgestelde vragen bij pagina’s die vragen beantwoorden. En artikel bij blogberichten, met auteur en datum.
Die eerste is voor vrijwel elk bedrijf het belangrijkst. Google koppelt je bedrijf daarmee aan een plaats.
Dat helpt bij zoekopdrachten waar iemand een plaatsnaam bij typt. Het is bovendien eenmalig werk dat jarenlang doorwerkt.
Begin bij je bedrijfsgegevens als je moet kiezen. Adres, telefoonnummer en openingstijden zijn het minimum.
Voeg daarna pas de typen toe die bij je diensten passen. Alles tegelijk willen markeren levert vooral fouten op. Loop je typen daarna een keer per jaar na. Diensten veranderen en dan klopt je markering niet meer. Zet dat op je jaarlijkse controlelijst, samen met je overige nazorg.
Welke soorten schema markup zijn er?
Het is een afgesproken taal om je gegevens te labelen voor zoekmachines. Die taal heet schema.org en wordt gedeeld door alle grote zoekmachines.
Je zegt ermee: dit is een prijs, dit is een openingstijd, dit is de naam van de auteur. Zonder die uitleg blijft het losse tekst.
Een zoekmachine leest je pagina namelijk als tekst. Staat er 89 euro, dan kan dat een prijs zijn, een boete of een postcode uit een ander land.
Voor een mens is dat geen probleem, want jij ziet de context. Een machine heeft die uitleg nodig.
Er ligt een vaste lijst met begrippen vast: Product, Organisatie, Persoon, Recept, Evenement, Beoordeling. Jij kiest welk type bij je pagina past en vult de velden die dat type kent.
Je hoeft dit niet zelf te schrijven. Het is nuttig om te weten dat het bestaat en dat het op je site hoort te staan.
Vraag je bouwer welke gegevens er bij jou gemarkeerd zijn. Bij veel bedrijfssites is dat alleen het hoogstnodige.
Hoe voeg je schema markup toe in WordPress?
Een goede SEO-plugin regelt het basiswerk automatisch. Je vult je bedrijfsgegevens een keer in en de code wordt gegenereerd.
Voor een webwinkel komt daar productinformatie bij, meestal via je winkelsysteem zelf. Prijs en voorraad worden dan automatisch bijgewerkt.
Maatwerk is nodig bij typen die je plugin niet kent. Denk aan een cursusaanbod, een vacature of een tarievenlijst.
Dan schrijft je bouwer die code zelf. Dat is werk van uren en geen doorlopende kostenpost.
Je hoeft de schrijfwijze niet zelf te kiezen. Er zijn drie manieren om het te noteren en Google adviseert er zelf een. Dat is werk voor je bouwer of je plugin.
Vraag of het bij een verhuizing wordt bijgewerkt. Een oud adres in je code werkt tegen je.
Controleer bij een webshop of prijs en voorraad automatisch meelopen. Handmatig bijhouden gaat gegarandeerd fout. Vraag ook of het automatisch meeloopt bij nieuwe pagina’s. Handmatig toevoegen wordt na verloop van tijd vergeten.
Hoe test je of je schema markup klopt?
Met het gereedschap van Google dat je pagina nakijkt. Het toont regel voor regel wat er wordt herkend en wat er ontbreekt.
Je plakt er je adres in en krijgt binnen een paar seconden het resultaat. Fouten worden aangewezen met de reden erbij.
Doe dat na elke grote wijziging aan je site. Een aangepast sjabloon kan je markering ongemerkt slopen.
Let daarbij op adressen die nog naar je oude domein of je testomgeving verwijzen. Dat is een fout die niemand ziet en die na een verhuizing vaak blijft staan.
Loop dat na samen met je overige adressen. Het is een controle van een paar minuten per jaar.
Draai die test zelf een keer, want je hebt er geen technische kennis voor nodig. Je plakt je adres in het gereedschap en leest de uitkomst.
Stuur de foutmeldingen door naar je bouwer. Dat is een concreet lijstje in plaats van een vaag vermoeden.
Wat is het verschil tussen schema markup en een rich snippet?
Schema markup is wat jij aanlevert. Een rich snippet is wat Google er eventueel mee doet.
Je hebt dus wel invloed op het eerste en geen zeggenschap over het tweede. Correcte code is een voorwaarde en geen garantie.
Dat onderscheid is belangrijk bij verwachtingen. Iemand die markup laat plaatsen en de volgende dag sterren verwacht, komt bedrogen uit.
Markeer daarom nooit iets wat niet zichtbaar op je pagina staat. Google controleert dat en straft verschillen af.
Werk eerst aan je teksten en je positie. Zet dit daarbovenop en niet in plaats van, want het levert je geen betere plek op.
Onthoud het zo: jij levert de gegevens, Google bepaalt de weergave. Dat voorkomt teleurstelling achteraf.
Beloof een klant of jezelf dus nooit sterren in Google. Beloof correcte gegevens, want dat is wat je kunt beheersen. Dat scheelt discussie met een bureau dat resultaten belooft die het niet in de hand heeft. Vraag altijd wat er precies wordt geleverd.
Wil je weten of je site de juiste gegevens meegeeft aan Google? Stuur me de link via het formulier hieronder. Ik test je markup, kijk of je bedrijfsgegevens goed staan en stuur je terug wat er ontbreekt. Vermeld je plaats, dan weet ik meteen waar je zit.
Waar kan ik je mee helpen?
Ook bekend als: Gestructureerde data, schema.org, structured data