Hoe zet je een testomgeving op in WordPress?
Bij de meeste Nederlandse hostingpartijen met één knop in je beheerpaneel. Zoek naar staging of testomgeving.
Die maakt een volledige kopie van je site op een apart adres, met eigen bestanden en eigen database.
Kan je hostingpartij dat niet, dan zijn er twee alternatieven.

Via je hostingpartij
De beste route: één klik, alles wordt meegenomen en het adres is meteen afgeschermd.
Vaak kun je met een tweede knop je wijzigingen terugzetten naar live. Wees daar voorzichtig mee als er ondertussen bestellingen binnenkwamen.
Via een plugin
Er zijn plugins die een kopie maken en die je op een subdomein terugzet. Werkt prima, maar het kost meer stappen.
Let op de grootte van je site; bij veel media loopt zo’n plugin sneller vast. Meer daarover lees je bij plugin.
Handmatig
Bestanden kopiëren, database exporteren en importeren, en de adressen in de database aanpassen. Dat laatste is de stap waar het misgaat.
Voor wie het niet dagelijks doet, is dit de minst aantrekkelijke route.
Mijn vuistregels
- Zet er een wachtwoord op voordat je iets anders doet.
- Schakel uitgaande e-mail uit.
- Zet betaalsystemen in testmodus.
- Geef de beheeromgeving een afwijkende kleur.
Die eerste doe je meteen; een testomgeving die openstaat, belandt in Google.
Na het aanmaken
Controleer of je kunt inloggen, of je afbeeldingen laden en of je formulieren zichtbaar zijn.
Zijn er verwijzingen naar je oude adres blijven staan, dan zie je dat meestal aan gebroken afbeeldingen.
Hoe vaak je hem ververst
Voor elke belangrijke test opnieuw vanaf je live site. Een testomgeving van maanden oud test iets dat niet meer bestaat.
Meer daarover lees je bij het verschil tussen staging en productie.